Cobots winnen terrein
De Nederlandse industrie maakt een duidelijke verschuiving door in het gebruik van robotica. Waar voorheen vooral traditionele, stationaire robots de norm waren, winnen flexibele robotarm – ook wel cobots genoemd – snel terrein. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van reichelt elektronik, uitgevoerd door onderzoeksinstituut OnePoll, onder industriële bedrijven in Nederland.
Hoewel stationaire robots nog altijd het meest worden ingezet, is de opkomst van cobots onmiskenbaar. Momenteel maakt bijna de helft (45%) van de bedrijven gebruik van stationaire robots, terwijl meer dan een derde (35%) al werkt met cobots of andere lichte robotarmen. Ook mobiele robots zijn met eenzelfde aandeel (35%) breed vertegenwoordigd.
Die ontwikkeling wordt onderstreept door de investeringsplannen van bedrijven. Zo geeft meer dan een derde (37%) van de respondenten aan binnen twee jaar te willen investeren in cobots. Daarmee staan ze bovenaan de lijst van geplande investeringen, gevolgd door mobiele robots (30%) en stationaire robots (29%).
Deze cijfers laten zien dat bedrijven niet alleen verder automatiseren, maar daarbij steeds vaker kiezen voor oplossingen die flexibel inzetbaar zijn en relatief eenvoudig kunnen worden geïntegreerd in bestaande processen.
De aantrekkingskracht van cobots zit daarbij niet alleen in flexibiliteit of kostenvoordelen. Een ruime meerderheid van de bedrijven (67%) geeft aan dat cobots mogelijkheden bieden die traditionele robots niet hebben, terwijl 65 procent aangeeft in de toekomst de voorkeur te geven aan robotarmen boven stationaire robots. Opvallend is bovendien dat cobots nieuwe gebruikersgroepen aanspreken. Van de bedrijven die hierin hebben geïnvesteerd, gaf 62 procent aan daarvoor nog geen robots te gebruiken.
Dit suggereert dat cobots niet alleen bestaande toepassingen aanvullen of vervangen, maar ook de drempel verlagen voor bedrijven die eerder nog niet met robotica werkten.
In de praktijk worden robots vooral ingezet voor fysiek zware (52%) en repetitieve taken (41%), terwijl transport (38%) en pick-and-place-activiteiten (36%) tot de meest voorkomende toepassingen behoren.
Juist bij dit soort werkzaamheden bieden flexibele robots duidelijke voordelen. Doordat ze eenvoudiger te programmeren zijn en veilig naast mensen kunnen opereren, zijn ze geschikt voor productieomgevingen waarin processen regelmatig veranderen en menselijke arbeid en automatisering steeds vaker naast elkaar plaatsvinden.
Dat robotica inmiddels breed is ingeburgerd in de Nederlandse industrie, blijkt uit het feit dat bijna 4 op de 5 (79%) bedrijven gebruikmaakt van één of meerdere vormen van robotica. Tegelijkertijd laten de cijfers zien dat de ontwikkeling van robotica een nieuwe fase ingaat, waarin flexibiliteit, toegankelijkheid en samenwerking met mensen centraal staan.
Hoewel stationaire robots nog altijd het meest worden ingezet, is de opkomst van cobots onmiskenbaar. Momenteel maakt bijna de helft (45%) van de bedrijven gebruik van stationaire robots, terwijl meer dan een derde (35%) al werkt met cobots of andere lichte robotarmen. Ook mobiele robots zijn met eenzelfde aandeel (35%) breed vertegenwoordigd.
Die ontwikkeling wordt onderstreept door de investeringsplannen van bedrijven. Zo geeft meer dan een derde (37%) van de respondenten aan binnen twee jaar te willen investeren in cobots. Daarmee staan ze bovenaan de lijst van geplande investeringen, gevolgd door mobiele robots (30%) en stationaire robots (29%).
Deze cijfers laten zien dat bedrijven niet alleen verder automatiseren, maar daarbij steeds vaker kiezen voor oplossingen die flexibel inzetbaar zijn en relatief eenvoudig kunnen worden geïntegreerd in bestaande processen.
De aantrekkingskracht van cobots zit daarbij niet alleen in flexibiliteit of kostenvoordelen. Een ruime meerderheid van de bedrijven (67%) geeft aan dat cobots mogelijkheden bieden die traditionele robots niet hebben, terwijl 65 procent aangeeft in de toekomst de voorkeur te geven aan robotarmen boven stationaire robots. Opvallend is bovendien dat cobots nieuwe gebruikersgroepen aanspreken. Van de bedrijven die hierin hebben geïnvesteerd, gaf 62 procent aan daarvoor nog geen robots te gebruiken.
Dit suggereert dat cobots niet alleen bestaande toepassingen aanvullen of vervangen, maar ook de drempel verlagen voor bedrijven die eerder nog niet met robotica werkten.
In de praktijk worden robots vooral ingezet voor fysiek zware (52%) en repetitieve taken (41%), terwijl transport (38%) en pick-and-place-activiteiten (36%) tot de meest voorkomende toepassingen behoren.
Juist bij dit soort werkzaamheden bieden flexibele robots duidelijke voordelen. Doordat ze eenvoudiger te programmeren zijn en veilig naast mensen kunnen opereren, zijn ze geschikt voor productieomgevingen waarin processen regelmatig veranderen en menselijke arbeid en automatisering steeds vaker naast elkaar plaatsvinden.
Dat robotica inmiddels breed is ingeburgerd in de Nederlandse industrie, blijkt uit het feit dat bijna 4 op de 5 (79%) bedrijven gebruikmaakt van één of meerdere vormen van robotica. Tegelijkertijd laten de cijfers zien dat de ontwikkeling van robotica een nieuwe fase ingaat, waarin flexibiliteit, toegankelijkheid en samenwerking met mensen centraal staan.

Geen opmerkingen: